Flexibiliteit betekent regie over je eigen leven
Ook het begrip flexibiliteit verdient volgens Wim een andere blik. Dat jongeren vaker flexcontracten hebben, betekent volgens hem niet automatisch dat zij contractuele flexibiliteit willen. Hij maakt onderscheid tussen flexibiliteit in het arbeidscontract en flexibiliteit in het leven.
Voor studenten kan die laatste vorm heel concreet zijn. Tijdens een tentamenweek willen ze weinig werken, een week later misschien bijna fulltime. Ze willen ruimte om werk te combineren met studie, vrienden en andere activiteiten. “Help ze, faciliteer ze, rooster ze in op het moment dat ze willen en niet wanneer ze dat niet willen.”
Daar ligt ook een kans voor klantenservices. Juist in een sector waarin roosters en bezetting cruciaal zijn, vraagt de komst van jonge medewerkers om slimmer organiseren. Wim heeft weinig begrip voor werkgevers die flexibiliteit vooral als planningsprobleem zien. Moderne technologie maakt volgens hem veel meer maatwerk in flexibele roostering mogelijk.
Het cliché dat jongeren niet willen werken, wijst hij resoluut van de hand. Zijn punt is dat werk concurreert met andere onderdelen van het leven. Zodra mensen voldoende financiële ruimte ervaren, kiezen ze volgens hem vaker voor tijd buiten het werk. Werkgevers die meer inzet willen, zullen het werk dus aantrekkelijker moeten maken.